Over de helft: de tussenstand

EU district in BrusselIk ben nu al bijna drie maanden trainee en het lijkt wel een eeuwigheid geleden dat ik voor het eerst voet zette in het gebouw van de Europese Commissie.

Er is sindsdien zoveel gebeurd, dat ik eigenlijk geen idee heb waar ik moet beginnen!

Ondanks het feit dat ik hier toch al een tijdje zit, begint mijn Brusselse leventje pas sinds kort een beetje vertrouwd te worden, en heb ik voor mijzelf een routine gecreëerd. Iedere ochtend loop ik de heuvel op van het centrum naar het EU district en volg de stroom mensen die zich langzaam opsplitst, op weg naar verschillende kantoren. De dag begint met een kop koffie en het lezen van mijn e-mails, waarna ik mij op mijn werk stort.

Want werk, dat is er veel. Het is ontzettend druk op het moment en het wordt alleen maar drukker. Er wordt dan ook verwacht dat je actief meedoet en je bijdrage levert. Voor ons als trainees is dat alleen maar fijn, want meer werk betekent meer kansen om te leren en jezelf te verbeteren. Regelmatig probeer ik zelf suggesties te doen of er op een of andere manier een eigen draai aan te geven, want dat wordt erg gewaardeerd. Wat dat betreft is de relatie tussen de EU ambtenaren en trainees zeker geen eenrichtingsverkeer. Het is ontzettend leuk als je iets vertelt of suggereert in een vergadering, waar nog niet eerder aan gedacht is.

Na het werk is er ook genoeg te doen. Ik volg een cursus Frans, om mijn niveau wat op te krikken. Ook is er iedere week een les in zelfverdediging waar ik graag naar toe ga, en voetballen we soms in het park. Feestjes zijn er genoeg en ik heb ook al verschillende uitstapjes gemaakt, naar Antwerpen en Gent bijvoorbeeld.

Voor mij is het duidelijk dat er nog steeds heel veel kennis te vergaren valt (naast uitvogelen hoe je de koffie automaat en afwasmachine weer aan de praat krijgt). Hoe langer ik hier zit, hoe meer ik het gevoel krijg dat ik nog veel te leren heb. Hoe goed en getalenteerd je ook bent, in Brussel zijn er altijd mensen die meer talent hebben, slimmer zijn, fanatieker zijn en meer talen spreken dan jij. Het maakt dat ik me soms wat geïntimideerd voel, maar tegelijkertijd is het voor mij een bron van inspiratie. Er zijn genoeg interessante mensen en de gesprekken zijn vaak zeer boeiend. Met nog twee maanden te gaan weet ik het zeker: ik heb nog heel veel te leren en dat vind ik helemaal niet erg.