Mijn dag kan niet meer stuk

Marloes Jongewaard blogt over haar traineeship bij de EUIk heb mijn eerste koffie nog niet eens op. Ben de computer nog aan het opstarten. Het schermpje van mijn telefoon licht op: ‘anoniem’ belt. Gehaast spurt ik onder nieuwsgierige blikken het kantoor uit. Eergisteren heb ik vier zogenaamde lobbymails verstuurd en ik vraag me af of ik nu teruggebeld word. Een tikkeltje verward neem ik op. De naam die bij de stem aan de andere kant van de lijn hoort, ken ik niet. Ik heb horrorverhalen gehoord. Verhalen over onverbiddelijke EU-ambtenaren en strikvraagsollicitaties. De mevrouw die me belt, is echter uiterst vriendelijk. Ze is van de Spokesperson’s Service en geeft aan mij zelf te hebben uitgekozen. Na te hebben uitgelegd wat de afdeling doet, stelt ze me vragen in het Engels, Frans en Duits. Omdat ik onvoorbereid ben, is er geen tijd om zenuwachtig te worden. Pas achteraf heb ik een rood hoofd en ben ik trillerig. Maar het ging goed, want ik ontvang een e-mail met een taakomschrijving. Het liefst ren ik honderd rondjes om het gebouw, maar ik moet gewoon weer aan het werk. Gelukkig weten mijn collega’s dat ik aan het solliciteren ben en zijn ze erg blij voor me. Nog geen drie kwartier en twee koffies later word ik opnieuw gebeld. Ik verwacht dat het dezelfde afdeling is, maar het blijkt een andere te zijn, die ook belt voor een sollicitatiegesprek. Mijn dag kan niet meer stuk.

Albert VerlindeNog altijd onder de indruk van deze onverwachte telefoontjes, luister ik ‘s avonds naar de kalmerende woorden van Albert Verlinde over de nieuwste roddels in showbizzland. In het reclameblok kijk ik even op mijn telefoon. Een gemiste oproep. Nadat ik mijn voicemail heb afgeluisterd en nog voor ik genoeg moed heb verzameld om terug te bellen, verschijnt opnieuw het intimiderende woord ‘anoniem’ op de display. Mijn derde sollicitatiegesprek gaat van start. Opnieuw word ik benaderd door een afdeling waarvoor ik niet gelobbyd heb.

Na de telefonische sollicitaties begint het meest zenuwslopende gedeelte van het Blue Book selectieproces: het wachten op de uitslag. Dagenlang houd ik paranoïde mijn telefoon in mijn broekzak, zelfs als ik naar het kopieerapparaat loop. Wanneer de vrijdagavond aanbreekt en ik op weg ben naar vrienden in Brussel, ontspan ik. Niemand zal me in het weekend bellen. Ik slaap de hele busreis. Dan raak ik verdwaald op Bruxelles Nord. Wanhopig zet ik even mijn roaming aan. “Welcome to the team!” Een pop-up van mijn mailbox vertelt me dat ik ben "welkom bij het team"geselecteerd als trainee bij de Spokeperson’s Service. Ik kan nog niet geloven dat de onzekerheid over is. Dat ik niet meer elke avond sollicitatiebrieven hoef te schrijven.

Op maandag ga ik terug aan het werk. Ik word door nog een paar andere afdelingen gebeld. Gelukkig weet ik dat ik al een plek heb. Ik kan me weer concentreren en controleer niet meer elke tien seconden of ik geen gemiste oproep heb. Om me voor te bereiden, trakteren mijn collega’s me de hele dag op Duitse woorden. Maar ik moet wel nog even aan de slag. Iedereen weet nu dat ik stiekem best kan functioneren zonder koffie.