De EU ontoegankelijk? Integendeel…

Hoewel de EU er vaak van beschuldigd wordt ontoegankelijk te zijn, is er juist ontzettend veel informatie over de EU te vinden – op het internet. De vertegenwoordiging van de Europese Unie online is namelijk zeer omvangrijk, zeker vergeleken met veel websites van nationale overheden.

Enkele jaren geleden zagen de Europese instellingen internet als een geschikt medium om hun transparantie te verhogen en de burger beter en laagdrempeliger te informeren. Wetgeving zoeken, zien welke belangengroepen in het Parlement lobbyen, neuzen wie hoeveel subsidie van de Commissie ontvangt, et cetera. Tel daarbij op de verschillende Europese instanties en hun afdelingen – ieder orgaan heeft een eigen website – en er bestaat een kans dat een nietsvermoedende burger op het web nogal eens de weg kan kwijtraken.

Gelukkig is het bij de Europese Commissie sinds enige tijd ook doorgedrongen dat meer informatie niet noodzakelijkerwijs effectiever is. Het moet vooral ook makkelijk vindbaar en begrijpelijk zijn. Maar hoe weet de Commissie of zij haar doel hierin bereikt?

Steeds meer proberen we er achter te komen wat mensen op de website willen doen en of ze hierin slagen. Voor het eerst houden we nu regelmatig webenquêtes en nodigen we mensen uit op ons kantoor, of via een verbinding op afstand, de websites te testen.

Dit lijkt iets heel voor de hand liggends, maar het is voor het eerst dat de Commissie echt aandacht besteedt en zich werkelijk open stelt op kritiek van de burger. We laten hen zien hoe willekeurige mensen hun websites gebruiken. Als we aan onze klanten (de Europese Commissie) laten zien hoe iemand hopeloos verdwaald raakt in disfunctionele zoekmachines of oneindige PDF-documenten, heeft dit geen verdere uitleg nodig.

Echt eenvoudig wordt de Europese Unie natuurlijk nooit (en gelukkig maar?), maar mocht je weer eens hopeloos vastlopen op zoek naar een richtlijn, wellicht troost de gedachte dat er mensen zijn die zich hier wel degelijk om bekommeren.


Vacaturebutton